maandag, februari 25, 2002

Myanmar. Tea, Buddha's & People

Georgetown (Maleisië) - Krabi (Thailand) - Bangkok - Yangon (Myanmar) - Lake Inle - Kalaw - Mandalay - Bagan - Pyay - Yangon - Bangkok


Min-gala-ba,

Er zijn bijzondere landen. Hele bijzondere landen. En je hebt Myanmar. Wat een land. Wat een volk. Het vroegere Burma was dus de gelukkige in het dobbelspel. Desnoods waren de spelregels er voor aangepast.

Of er morele bezwaren waren? Nee dus. Het militaire regime heeft niet echt een vlekkeloze staat van dienst bij mensenrechtenorganisaties, maar ik kan me niet vinden in een populistisch boycot. De straatarme bevolking help je er niet mee. De moraalridders hoor ik trouwens minder hard over buurman China. Toch ook slordig met de rechten van de mens.

Myanmar heeft een ongekende charme. Het onaantastbaar geachte Laos heeft heftige concurrentie gekregen als favoriet land. Marco Polo noemde het 'Golden Land'. Ik kan me best in de woorden van m'n collega backpacker vinden, maar Buddha's land lijkt me ook niet onaardig. De locals hebben genoeg reden om diep ongelukkig te zijn, maar naar ons zijn ze bijzonder vriendelijk. Zelfs de mosquito's zijn een stuk aardiger. Zelden zo'n trots volk gezien. Nooit eigenlijk.

Continue had ik het gevoel in een mooie oude film beland te zijn. In bijrolletjes trokken we door een zeer fotogeniek land. Hoofdrollen waren er prachtige oudjes, monnikken en vrolijke kinderen. Ossen, buffalo's en paarden lopen met regelmaat door een stoffig decor. De ossen- en paardenkar zijn nog hele gebruikelijke vervoersmiddelen. Het gebrek aan westerse invloed maakt het een aantrekkelijke plek voor reizigers. Het goed om te zien dat er nog leven mogelijk is zonder mobieltje, McDonalds en internet. Al viel het niet mee om drie weken off line te zijn.

Het regime raakt langzaam haar greep op het toerisme kwijt. Officieel moet je bij aankomst 200 dollar voor een soort overheids monopolygeld wisselen. Volgens goed Aziatisch gebruik viel er echter wel iets te regelen. Het beste is om deze FEC's snel voor het locale geld te wisselen. Je hoeft vervolgens ook niet zo heel creatief te zijn om alle overheiddiensten te mijden.

Soms was er twijfel. Ligt Myanmar in Azië? Tot m'n opluchting begrijpt een (fiets)taxichauffeur in één keer wat 'No, thanks' betekent. Hij wacht soms zelfs tot je hem benaderd. Laat staan dat je met z'n hele dienstenpakket lang lastig gevallen word. Ook de prijzen zijn alles behoorlijk voor de toerist. Een glimlach is er nog puur. Normaal betekent een gulle lach opletten, want men probeert je een poot uit te draaien. Al dit soort onAziatische gedrag maakt dat je erg relaxt van het land kan genieten.

Alles lijkt er anders. Dagelijks maak je dingen mee die je verrassen. Ik ben na een tijdje Azië heel wat gewend, maar m'n ogen kwamen tijd te kort. Nooit geweten dat je een tas tapbier kon bestellen of dat 100 kippen een fietstaxi konden regelen. Naast de bijzonder grote tempeldichtheid is de echte hoofdattractie vooral het volk zelf. Ik betrap mezelf erop dat zij vaak voor m'n camera staan. Een beetje laat heb ik eindelijk door dat foto's van mensen me het meest zeggen over het land. Onder kinderen leeft het leuke misverstand dat ze op 5 centimeter van m'n lens moeten staan. Veel vrouwen en kinderen zien er prachtig uit door een lichtgele "verf" op het gezicht. Deze thanakha is make-up, zonnencreme en conditioner tegelijk, maar vooral
ook uitermate fotogeniek. Zeker als ze ook nog een zelfgemaakte sigaar roken. Mannen lopen nog rond in longyi. Een sarongachtige rok. Geregeld zie je een fel rode mond van het locale pruimtabak. Deze betel is een goedkoop natuurlijk verdovend middel. Misschien handig als je de tandarts op de markt bezoeken wil. Zijn Mingele gereedschap is erg praktisch voor de regelmatige stroomonderbrekingen. Een blonde Hollander in een kapperstoel trok weer een bescheiden publiek.

Zelden zoveel zingende mensen voorbij zien fietsen. De primitieve omstandigheden waarin veel mensen wonen is toch vaak zo vrolijk niet. Vrouwen sjouwen zich een breuk met water. Vaak is er slechts 1 waterpomp per dorp. Riolering heeft men niet. Achter in de tuin staat een houten wc-huisje met een gat in de grond. Je bent in het voordeel als je spijkerpoep ervaring hebt. Ooit leek het een dom spelletje, maar opeens handig. Op iedere zanderige "oprijlaan" staat een
ossenkar. De kinderen volgde iedere beweging van die twee blanken op de voet. Voor de zoveelste keer werd ik hier met Dennis Bergkamp vergeleken. Engels voetbal is in heel Azië populair en zo'n beetje ieder joch somt zo een rijtje namen van voetballende landgenoten op. Ik zie toch niet zoveel gelijkenis met Dennis, maar statistisch gezien sta ik zo sterk niet meer. Het klopt dat ik een aardig voetbaltalent was, maar daar blijft het ook bij.

Het bescheiden aantal wagens en haperende straatverlichting geeft een aparte sfeer. Zelfs in Yangon of Mandalay. Zo'n beetje alles wat kan rijden word gebruikt. Waar heb je tenslotte een motorkap of raam voor nodig? Als de motor maar werkt. Een maximum aantal mensen is een ruim begrip. Het dak zit vaak vol en als ieder handvat in gebruik is heeft men vast nog wel een idee. Ik verdenk sommige bussen ervan dat ze nog een houten frame hebben. Afgedankte Japanse stadsbussen zijn de beste keus. Grappig dat niemand de oude bestemmingen verwijderd. De tijd was weer veel te kort. Er is veel te zien. Interessante plekken moesten geschrapt worden. Helaas zijn sommige gebieden verboden terrein. Rondreizen kost altijd weer meer tijd dan gedacht. De wegen zijn eigenlijk best redelijk, maar soms lijkt een Cambodiaanse
wegenbouwer bezig te zijn geweest.

Lake Inle is een primitieve variant van Venetië. Interessant om het leven van de vissers en kwekers te zien. Creatief om op het meer van alles te kweken. Wie niet rijk is moet slim zijn. Achter de locale markt leek het een sprookjeswereld. Kleurrijke bergbewoners kwamen af
en aan. Met de familie op de ossenkar. Verders gevuld met kippen, bloemen of ander verkoopwaar. Anderen verdwenen weer door het stofgordijn. In Kalaw trokken we de wandelschoenen weer aan. Met een privégids trokken we drie dagen de heuvels in om hill tribes te bezoeken. Leuk om in hun huizen te verblijven en wat van de culturen te leren. Onder zware Japanse druk ook de wereldberoemde Longnecks gezien. Ze wonen in voor ons verboden gebied in het wild. Maar de paar die gevangen zijn wonen in een soort dierentuin. Wel origineel om met 20 kilo ijzer om je nek en schenen te lopen. Weer eens wat anders dan een lullige piercing. Stiekem vond ik het toch wel erg apart, maar de sfeer was met de Mentawai's toch heel anders.

Via Mandalay over de Ayeyarwady rivier naar Bagan afgezakt. Na het wereldwonder Angkor Wat en Borobudur het derde bijzondere buddistische bouwwerk van lang geleden. Het woestijnachtige gebied is werkelijk bezaaid met tempels. Groot en klein. Sommige zijn een
bezoek waard, maar het vooral de hoeveelheid van tempels die Bagan indrukwekkend maakt. Een hele aardige plek ook voor een rode zonsondergang. De laatste dagen in het sfeervolle Yangon doorgebracht. Met een vliegende moskee van Bangladesh Airlines weer in metropool Bangkok teruggekeerd. Onderweg in de lucht kregen we zowaar een islamitische preek. Met dank aan Allah wist de rammelkist zowaar veilig de Thaise grond te halen.

Op een tropisch strandje gaan we nu eerst bijkomen. Tussen het snorkelen en het slapen in de hangmat in zal de nieuwe bestemming gekozen worden. Als ik het weet horen jullie het uiteraard snel.